Een bevor, soms ook beaver genoemd, is een onderdeel van een harnas gemaakt van plaatstaal dat bedoeld was om de nek, kin en de onderkant van het gezicht te beschermen. Het lijkt in functie op een gorget, maar is meestal groter en bedekt meer van de voorzijde van de hals.
De naam komt uit het Oudfrans: baver, wat “kwijlen” of “druppelen” betekent. Dit verwijst waarschijnlijk naar het uiterlijk van ridders tijdens gevechten, wanneer vocht langs de onderkant van het gezicht of de helm liep.

Functie en opbouw
De bevor maakte deel uit van een volledig middeleeuws harnas. Het bestond meestal uit één groot stuk plaatstaal dat de kin en keel bedekte en de opening vulde tussen helm en borstplaat. Hierdoor werd een kwetsbaar gebied beschermd dat anders gemakkelijk getroffen kon worden door een steek of slag.
Sommige bevors waren groter en liepen door over de linkerschouder van de ridder. Dit gaf niet alleen extra bescherming maar maakte die kant van het harnas ook dubbel zo dik, wat handig was omdat aanvallen vaak van die zijde kwamen.
De meeste bevors zijn voorzien van een of meerdere lamellen, die willekeurig omhoog kunnen worden geplaatst. Op deze manier kan de bevor en helm op verschillende manieren worden gecombineerd, elk met zijn eigen functionaliteit. Zo kunnen de sallet en bevor als volgt worden gecombineerd:

1. Recht op het hoofd, met geopend vizier en open bevor
Dit biedt een optimaal gezichtsveld en maximale ademruimte.

2. Recht op het hoofd, met gesloten vizier en open bevor
Dit biedt optimale bescherming maar een minimaal gezichtsveld.

3. Recht op het hoofd, met gesloten bevor en open vizier
Dit biedt een goed gezichtsveld en bescherming aan het gezicht.

4. Schuin op het hoofd, met gesloten bevor
Dit zorgt voor een groter gezichtsveld en meer ademruimte, ten koste van een deel van de bescherming.

5. Schuin op het hoofd, met open vizier en open bevor
Dit biedt een maximaal gezichtsveld ten koste van goede bescherming

Gebruik met verschillende helmen
In de 15e eeuw werd de bevor vooral gedragen in combinatie met de sallet, een helm die populair was van ongeveer 1400 tot 1500. Later, met de komst van de gesloten helm en de burgonet in de late middeleeuwen en de Renaissance, veranderde de vorm van de bevor.
Hij werd toen met extra lamellen en soms met vizier gemaakt. Hierdoor kon hij zowel de keel als de onderkant van het gezicht beschermen, maar bleef het toch mogelijk om te ademen, te spreken of de helm te openen wanneer nodig.

Ontwikkeling tot de Falling Buffe
In de 16e eeuw ontwikkelde de bevor zich verder tot een nieuw type bescherming: de falling buffe. Dit was geen enkel stuk metaal meer, maar een samengesteld onderdeel bestaande uit meerdere horizontale lamellen.
Deze lamellen waren met elkaar verbonden zodat ze konden bewegen. Daardoor kon de buffe omhoog of omlaag worden gezet, afhankelijk van of de drager meer bescherming nodig had of juist beter wilde zien en ademen.
De falling buffe werd vaak gebruikt in combinatie met de burgonet, een helmvorm die in deze periode populair was. Omdat de burgonet vaak een open gezicht had, vulde de buffe deze opening aan door de gehele onderkant van het gezicht te beschermen.
Kleine veermechanismen zorgden ervoor dat de buffe op zijn plaats bleef, zelfs tijdens hevige bewegingen of gevechten.
Interne links
- Bascinet: middeleeuwse helm met vizier en nekbescherming
- Gorget: metalen kraag voor nek en bovenborst
- Het kuras: middeleeuws borst- en rugpantser
- Armet: 15e-eeuwse helm die het hoofd volledig omsloot
Bronnen:
- Visuele Bron: Schilderijen van Albrecht Dürer en Hans Holbein, die ridders tonen die hun sallet combineren met een gelaagde metalen bevor.