De mandhelm, calotte of ook wel de vroege grote helm, was een soort West-Europese helm uit de late 12e eeuw en de vroege 13e eeuw. Deze helm was de voorloper van de latere grote helm. De gesloten mandhelm bedekte bijna het hele hoofd. Het gezicht was volledig beschermd en de zijkanten en achterkant van het hoofd werden dieper bedekt dan bij neushelmen. Deze helm ontstond eind 12e eeuw en werd al snel vervangen door de echte grote helm, die rond half 13de eeuw werd ontwikkeld. Het belangrijkste verschil met de grote helm is dat de gesloten helm een veel dieper voorstuk had dan de diepte van de helm aan de achterkant en zijkanten.

De Neushelm
Waarschijnlijk ontwikkelde dit type helm zich uit de neushelm. Rond 1180 bestond er al een variant van de neushelm die een platte bovenkant had en een vierkante vorm. De gesloten helm ontstond door een plaat voor het gezicht toe te voegen, met gaten om door te kijken en om te ademen, en door de achterkant en zijkanten van de platte helm verder omlaag te laten lopen.

Vroege mandhelm
Zo ontstond een cilindervormige helm. Uit afbeeldingen uit die tijd blijkt dat eerst het gezicht werd afgeschermd, waarschijnlijk als een verlenging van de bestaande neusstuk waarmee de neushelm was uitgerust. .
Sommige Duitse illustraties van ongeveer 1180 laten een metalen stang zien die vanaf de neus tot over de mond loopt. Als zo’n stang was doorgetrokken en teruggebogen naar de wenkbrauwen, zou dat al bijna een volledige gezichtsplaat hebben gevormd.

Gesloten helm
Een van de vroegste afbeeldingen van een volledig ontwikkelde gesloten helm, voorzien van een waaier-achtige kam bovenop, staat op het tweede Grote Zegel van Richard I van Engeland, gedateerd 1198.
De helm ontstond waarschijnlijk omdat ridders meer gezichtsbescherming nodig hadden door de enorme kracht van lansen tijdens charges in dichte formaties (de zogeheten conrois, gebruikt in de 12e eeuw). Een andere mogelijkheid is dat de helm werd ontwikkeld als reactie op een grotere dreiging van boogschutters, vooral in de 12e en 13e eeuw.

De gesloten helm werd uitsluitend gedragen door leden van de ridderstand en aristocratie. Veel soldaten, waaronder ook ridders, vonden het nadeel dat men door deze helm slechter kon zien en horen. Daarom bleven andere, meer open helmen – zoals de neushelmen – nog tot in het midden van de 13e eeuw in gebruik.

Hoe te dragen
De gesloten helm werd gedragen over een maliëncoif, met daaronder extra zachte vulling rond het hoofd. Deze vulling zorgde ervoor dat slagen minder hard aankwamen en maakte de helm comfortabeler.
Interne links
- Grote helm: West-Europese pothelm uit Middeleeuwen
- Neushelm: West-Europese helm met metalen neusbeschermer
- Cervelliere: halfronde stalen helm uit de middeleeuwen
- Maliënkap: Middeleeuws hoofd- en nekpantser
Bronnen:
- Visuele Bron: De Codex Manesse (ca. 1300) en de zegels van Richard Leeuwenhart, die de vroege transitie tonen van neushelm naar de gesloten pothelm met 'mand'-structuur.