De ringfibula

Broches en fibulae werden vanaf de oudheid gedragen om kleding vast te spelden en als statussymbool. Ze werden door alle klassen gedragen, met uitzondering van de lagere klassen. Dit artikel gaat verder in op de verschillende soorten ringfibulae die in de vroege middeleeuwen werden gedragen.
De ronde ringfibula en de schijffibula waren de meest voorkomende broches in de vroege middeleeuwen. Sommige exemplaren, zoals de Tara en Hunterston broches, zijn rijkelijk versierd. Deze versierde exemplaren werden vrijwel altijd door edelsmeden uit een kloostergemeenschap gemaakt. De fibula was normaalgesproken van zowel praktische als symbolische aard. Sommige waren echter duidelijk niet praktisch, omdat ze een pin van 20 tot 30 cm lang hadden.
De ringfibulae kunnen niet duidelijk worden gedateerd. De meeste broches met ornamenten komen uit de tijd dat de Vikingen in Ierland en Schotland kolonies hadden. De Vikingen namen verschillende onderdelen de broches over en voegden een aantal nieuwe elementen toe. In het begin van de vorige eeuw zijn de Ierse broches getypeerd. Deze typering is echter vrij verouderd en kan slechts losjes als leidraad worden genomen. 

Vroege ringfibulae
De eerste typen ringfibula waren eenvoudig gemaakt en werden vanaf de 3de eeuw gedragen en kwam in de 4de of 5de eeuw richting Ierland. Het type is mogelijk ontstaan door de vernieuwde handelscontacten tussen het westelijke en oostelijke Romeinse rijk, en de Germaanse mode die hierop geïnspireerd werd. Deze broches bleven in gebruik gedurende de Romeinse overheersing, maar werden populairder rond de vroege middeleeuwen. Mogelijk kwam dit doordat de broche een statussymbool werd of door veranderingen in de modetrend. Dit type fibula werd door de heidense Saksen overgenomen. 
5de en 6de eeuwse broches waren meer afgeleid van Romeinse vormgeving en waren vaak versierd met gestileerdedierenmotieven. Tussen de 6de en 7de eeuw werden de fibulae steeds meer gedecoreerd. De meeste vroege exemplaren zijn gemaakt van ijzer of brons en zijn qua ontwerp een stuk eenvoudiger dan de latere modellen. Broches werden gedecoreerd met gestileerde dierenmotieven of met eenvoudige ribbels in het metaal. 

De doorbroken ringfibula
De doorbroken ringfibula werd alleen in Ierland en in mindere mate in Schotland gedragen. Hij is, zoals de ringfibula, cirkelvormig, maar de cirkel is doorbroken en de twee uiteinden zijn vaak breder dan de ring. Door de opening heen kon de pin vallen, die vaak erg lang was. Een variant is de pseudo-doorbroken ringfibula, waar de opening is dichtgemaakt met een strip metaal. Afbeeldingen uit Ierland tonen dat de doorbroken ringfibula met de pin naar boven en met de opening naar beneden gedragen werd. 
De Oud-Ierse wetteksten waarschuwen ervoor dat de broche vanwege zijn grote pin andere mensen kon verwonden en daarom veilig gebruikt diende te worden. Waarschijnlijk droegen mannen de broche op de schouder en vrouwen op de borst. De broche werd gebruikt om de brat, een cirkelvormige mantel, op zijn plaats te houden. Hij werd zowel door burgers als geestelijken gedragen. 
De waarde van de broche hing af van het materiaal, het formaat en de decoratie. De meeste luxe broches hebben een basis van koper, brons of ijzer en zijn verzilverd of ingelegd met goud. Slechts alleen de 9de eeuwse broche van Derry is gemaakt van puur goud. De uiteinden van de broches werden van de 6de tot de 9de eeuw platgeslagen, waardoor er meer ruimte kwam voor decoratie. Sommige broches zijn dan ook complete kunstwerken, waaraan duizenden arbeidsuren zijn geïnvesteerd. 
De doorbroken ringfibula lijkt een typisch Ierse broche te zijn, maar werd ook overgenomen door de Picten, die hem in geheel andere, Pictische kunststijl decoreerden. Ze werden vrijwel zeker gemaakt door edelsmeden, opgeleid in kloosters. Deze edelsmeden maakten daarnaast waarschijnlijk ook de ontwerpen voor verluchtingen van manuscripten. Slechts weinig van de doorbroken ringfibulae zijn teruggevonden in graven en de exemplaren die in graven zijn teruggevonden, zoals bij het Noorse graf in Westray op de Orkneys, lijkt het duidelijk dat hij van eigenaar is gewisseld. 

Vikingbroches
Vanaf het einde van de 8ste eeuw plunderden de Vikingen kloosters in Schotland en Ierland. Kort daarna bouwden ze winterkwartieren en later complete steden op de eilanden zoals Dublin, Cork en Waterford. Dit waren de eerst steden van Ierland en al snel groeiden ze uit tot internationale handelscentra. 
De Scandinaviërs die zich in Ierland en Schotland vestigden, waren ver in de minderheid ten opzichte van de oorspronkelijke bevolking. Al snel werden gewoontes en tradities van elkaar overgenomen en er ontstond een Noors-Gaelic cultuur. Één van de technologische tradities die vanuit de Keltische cultuur werd overgenomen was het veelvuldig gebruik van de doorbroken ringfibula. Uiteraard waren de Vikingen al bekend met de ringbroche, die ze in een geheel eigen variant droegen. De nieuw ontstane broches waren versierd met een geheel eigen kunststijl, die niet duidelijk Scandinavisch of Keltisch was. De broches werden zowel door Kelten als door Vikingen gedragen en vervingen langzaamaan de oudere typen broches. Deze broches werden op dezelfde manier gedragen als hun voorgangers en waarschijnlijk dienden ze ook als statussymbool. Dit type broches is in de gehele Vikingwereld teruggevonden. Mogelijk vormden ze een handelsproduct als kunstwerk. Het zou tot het eind van de 11de eeuw duren totdat deze broches langzaam in onbruik raakten. In die tijd was er een nieuw soort doorbroken ringfibula geïntroduceerd: de distelfibula. Dit type werd veelvuldig in Ierland en Schotland gebruikt.