Klassieke oudheid
Esicia Omentata (Romeinse gehaktballetjes)
"Esicia omentata: pulpam cincisam teres cum medulla siliginei in vino infusi. Piper, liquamen, si velis, et bacam mirteam extenteratum simul sonteres. Pusilla esicia formabis, intus nucleis et pipere positis. Involuta omento subassabis cum careno."
4 kopjes (900 ml) rode wijn
500 g rundergehakt
4 sneetjes witbrood
¼ kopje (60 ml) rode wijn
½ theelepel ongemalen peper
8 tot 10 jeneverbessen
½ theelepel zout
2 eetlepels witte wijn
¼ kop pijnboompitten
Laat de 4 kopjes rode wijn een half uur boven middelhoog vuur koken, totdat ongeveer de helft verdampt is. Ontdoe intussen het brood van korstjes, verkruimel het en vermeng het in een grote kom met het kwart kopje rode wijn. Kneed dit tot een deeg, voeg het gehakt toe en mix het mengsel goed. Vermaal het peper en de jeneverbessen. Mix het met de witte wijn en het zout en giet het over het deeg. Maak kleine deegballetjes, maak in elk een holletje, doe hier enkele pijnboompitten in en maak het holletje dan weer dicht. Doe de balletjes in de rode wijn en kook ze daarin 6 minuten. Kook de wijn nog eens tot de helft en giet deze over de balletjes.
Tip: maak ook eens burgers in plaats van balletjes.
Griekse bonensoep
500 gram witte bonen
200 gram reuzel
3 fijngesneden uien
½ liter runderbouillon
2 teentjes knoflook
2 eetlepels olijfolie
1 eetlepel honing
½ theelepel koriander
Peterselie en selderij naar smaak
2 laurierbladeren
Zout en peper naar smaak
Week de bonen een nacht. Kook ze 5 minuten in een beetje water, haal de pan van het vuur en laat 1 uur rusten. Doe de bonen en laurierbladeren in de bouillon en kook het mengsel 2 uur. Bak de uien in de reuzel en voeg kruiden, zout en peper toe. Doe het mengsel bij de bonen. Voeg honing toe en laat het enkele minuten meekoken. Snijdt of pers de knoflook fijn en meng het met de olie. Roer dit mengsel door de soep en dien hem op.
Tip: meng 2 eetlepels citroensap door de soep voor een frisse smaak.
Ova spongia ex lacte
" Ova spongia ex lacte: ova quattuor, lactis heminam, olei unciam in se dissolvis, ita ut unum corpus facias. in patellam subtilem adicies olei modicum, facies ut bulliat, et adicies impensam quam parasti. una parte cum fuerit coctum, in disco vertes, melle perfundis, piper adspargis et inferes. "
3 eetlepels honing
4 eieren
275 ml melk
1 eetlepel olijfolie
Peper naar smaak
Mix eieren, melk en olie. Verhit een beetje olijfolie in een pan en voeg de omeletmix toe. Klop het mengsel zacht met een vork, totdat het begint te stollen. Keer het omelet om wanneer het aan één zijde is gestold. Vouw het omelet in tweeën en leg het op een bord. Verhit de honing en schenk het over het omelet. Vouw nogmaals en snijdt het omelet in dikke plakken. Bestrooi eventueel met peper en dien op.
Patina de pisciculis
“Patina de pisciculis: uvam passam, piper, ligusticum, origanum, cepam, vinum, liquamen, oleum. transferes in patellam. cum cocta fuerit, adicies in ipsam pisciculos coctos. amulo obligas et inferes.”
500 gram visfilets of kleine vis
150 gram gedroogde rozijnen
1 theelepel gemalen peper
1 theelepel lavas of selderij
1 theelepel oregano
2 kleine uien, fijngesneden
200 ml olijfolie
50 ml garum (Romeinse vissaus)
1 theelepel meel
Kook de vis met wat zout. Ze zijn gaar wanneer de huid begint te schilferen.
Mix intussen de rozijnen, peper, lavas, oregano, ui, olie en garum en bak het mengsel totdat de uien zacht zijn. Voeg de vis toe, met wat meel, en bak het gerecht voor nog 10 minuten.
Tip: probeer eens Thaise vissaus als alternatief voor garum.